,,Het antwoord is kort’’, begint Tjan te vertellen. ,,Het gaat goed. Ik heb dit keer nog meer geluk gehad, want ik heb zelfs geen ‘prikpijn’ gehad.’’ Tjan doelt hiermee op de eerste vaccinatie, waarbij hij twee dagen een beurs gevoel had op de plek waar hij de prik kreeg, en op de spierpijn in zijn arm die hij had. ,,Dit keer dus helemaal niets. Daar heb ik echt geluk mee, want veel van mijn collega’s hadden wel weer die pijnlijke plek en wat hoofdpijn en spierpijn. Twee collega’s ontwikkelden ook wat verhoging in de 24 uur na de prik, maar er heeft zich wederom, gelukkig, niemand ziek hoeven melden als gevolg van de vaccinatie’’, zegt Tjan.

Ook na de tweede vaccinatie bleven mensen een kwartiertje zitten zodat bij het optreden van een eventuele ernstige allergische reactie meteen kon worden ingegrepen. Maar deze reactie trad bij niemand op. ,,Ik heb niet gehoord van bijwerkingen of allergische reacties. We hebben wat dat betreft een goede uitkomst om het zo maar te noemen.’’ Tjan sprak meerdere intensive care-artsen van verschillende ziekenhuizen en kreeg van hen hetzelfde te horen. ,,Ik heb van niemand te horen gekregen dat er zich ernstige bijwerkingen voorgedaan hebben. En wat ik heel fijn vind: ik hoor van iedereen dat de opkomst erg hoog is vanuit de acute as, dus de afdelingen intensive care, spoedeisende hulp en de covid-afdelingen.’’

95 Procent
Nu Tjan voor de tweede keer gevaccineerd is, zou hij na twee weken voor 95 procent beschermd moeten zijn tegen het coronavirus. Wat betekent dit voor hem? ,,Ik ben heel blij dat het vaccineren met onze afdelingen is gestart’’, zo deelt hij zijn gevoel. ,,Het maakt ons weerbaarder voor de toekomst. Stel dat er weer een heftig scenario komt door bijvoorbeeld de Britse variant, dan staan we toch steviger. Daarbij komt dat ik het echt zie als een weg vooruit. Alhoewel ik het wel als frustrerend ervaar dat het zo traag gaat. Dat hoor ik ook alom in mijn omgeving. Maar goed, elke prik is er weer een die bijdraagt aan de route uit deze omstandigheden.’’ De afdeling waar Tjan werkt, de intensive care, kreeg een positieve impuls als gevolg van de vaccinaties. ,,Het maakt de kans dat we als acute as overeind blijven groter. Wij moeten voor de ernstig zieke mensen zorgen, dan kunnen we dus niet zelf onderuit gaan.”

Over de Britse variant maakt Tjan zich zorgen. ,,Kijk, op dit moment zien we dat het beheersbaar is, al zijn er steeds veel besmettingen. En nog steeds zijn er te veel patiënten in de ziekenhuizen - ook op de Intensive cares - waarbij de afname traag gaat. Ondanks dat we in een zware lockdown zitten, zien we dat de afname veel te traag gaat. Dus als we een scenario krijgen dat we een enorme verspreiding krijgen van de Britse variant, terwijl we nog zo vol zitten in de ziekenhuizen, dan hebben we heel weinig marge. Als je dan ziet dat de verspreiding van zo’n variant veel erger kan zijn, dan heb je snel de limieten bereikt van wat we kunnen hebben, en daar maak ik me wel zorgen over. Ik hoop natuurlijk dat de zware lockdown ervoor zorgt dat het hier minder snel gaat verspreiden dan in Engeland, en dat we het daarmee controleerbaar kunnen houden totdat de vaccinaties werken en breed genoeg zijn verspreid. Daarnaast hoop ik dat het snel voorjaar wordt, omdat wij denken dat de warmte ons ook zal helpen. Of ik halsreikend naar april en mei uitkijk? Ja. Ja, absoluut. Of ik moe ben? Ja, zeker. Ik ben vol met energie. Maar ik ben er absoluut moe van dat ons leven, zowel professioneel als sociaal, zo onder druk staat. Ik verlang ook naar mijn gewone werkwijze. De ic-dokter die er voor alle patiënten kan zijn en niet alleen voor crisissituaties.

Uitzichtloosheid
Tjan heeft gekozen voor een vak waarin de spanning en druk hoog kunnen zijn. Hij is dus wel iets gewend. Wordt de druk hem nu ook teveel? Gaat het aan hem vreten? ,,Ik merk dat de duur en het gevoel van uitzichtloosheid me enorm bezorgd maken en me doen afvragen of we het gaan redden. Ik moet me soms wel blijven motiveren om door te gaan en vol te houden. En dat is iets wat ik bij meer collega’s bespeur. We hebben onze moeilijke momenten en we moeten elkaar opvangen en scherp houden. Arts, specialist, verpleegkundige; we staan vol voor elkaar. Je moet je voorstellen dat je als hulpverlener meer aanbod van patiënten kunt krijgen dan dat je bedden hebt. Daar word je moedeloos van, of je krijgt stress. Waar moet dat heen, vraag je je dan af. Die momenten kunnen echt heel zwaar zijn. Het verdriet wat we zien, weegt ook zwaar. Of mensen waarvan je weet dat je ze niet meer kunt helpen. Dat is heftig om van zo dichtbij mee te maken. Wat dacht je van de eenzaamheid? Mensen die al zo ziek zijn en dan tranen laten omdat ze zich zo alleen voelen.’’

Waanzin
Dat er mensen zijn die, op hetzelfde moment dat Tjan en zijn collega’s vechten voor levens, vechten met de politie, plunderen en andere mensen schade berokkenen valt hem zwaar. ,,Waanzin, die rellen’’, uit Tjan zijn gevoel. ,,Waar zijn die mensen mee bezig? Er werden zelfs ziekenhuizen bekogeld. Ziekenhuizen! Waar ernstig zieke mensen liggen, verdrietige families rondlopen en waar ook zorgpersoneel met de tong op de schoenen vecht voor levensbehoud van hun patiënten. Ik vind dat heel moeilijk om te zien en te verkroppen. Dat heeft me geraakt, ik vind dat droevig en ik kan er ook echt heel boos om worden.’’

Te langzaam
,,De ziekenhuisbezetting is stabieler geworden de laatste weken. Dat het besmettingspercentage omlaag lijkt te gaan in deze regio, merken we ook op de Spoedeisende Hulp, maar ik hoop dat het doorzet. En het komt uit mijn hart als ik zeg dat ik hoop dat er sneller gevaccineerd gaat worden. Het gaat te langzaam. Er zal vast een reden zijn, maar ik vind het echt niet goed. Ik merk echt bij ons dat mensen een positieve impuls krijgen door het vaccineren en het licht aan het einde van de tunnel zien. En dat gevoel, dat gun ik iedereen’’, zegt Dave Tjan tot besluit.